Rondje lopen naar Datsjapark

Hoe een eenling weer in een groep terecht kwam.

Walking a circleFoto: Hay Kranen.

Een jaar geleden kwam ik uit Mongolië terug in een woonkamer vol vrienden en familie. Jos had een verrassingsfeestje georganiseerd waar ik geknuffeld en verwelkomd werd tot mijn voeten, huid, ogen hart weer in Delft waren. Ik had zó weer in mijn comfortabele leven kunnen stappen. Genieten van onze woongroep, worstelen als zelfstandig vormgever, leven met Jos opbouwen.

Behalve dat het niet ging. Wat ik geleerd had was kwetsbaar en zou sneuvelen onder het geweld van een comfortabel leven. Tussen al die lieve mensen wist ik dat de omstandigheden moesten veranderen. Maar hoe? De volgende ochtend gaf Jos ons beiden de vrijheid terug. Ik voelde de pijn en de opluchting en stemde in. Na een paar jaar ronddolen werd beslissen simpel. Jos ging naar Amsterdam zijn dromen najagen en ik kon mijn eigen weg gaan.

Zonder Jos was er geen noodzaak voor een huis. Ik kon overal liefdesverdriet hebben. Ik kon overal eenzaam zijn. Ik kon mijn vrienden overal in Nederland zien. Ik kon in het hele land werken maar ik kon te weinig over nomaden leren in een huurhuis. Dus belde ik mijn vriendin Everdien en mijn oom Bert en binnen een paar minuten had ik een thuisbasis en een adres.

Na vier maanden zonder elkaar genoten Jos en ik nog van een laatste week samen. Twee weken na mijn terugkeer in Delft verhuisde ik mijn spullen naar Everdien in Zaltbommel, schreef me in op mijn oom’s boot in Amsterdam en wandelde naar vrienden om ‘Leven als Mongoolse Nomade in Amsterdam-Noord’ voor te bereiden. Voor dat project kon ik niet doelloos rondstrompelen. Dus pakte ik mijn bijl op, trok mijn Mongoolse winterjas aan en liep de straat op, het onbekende tegemoet.

Sindsdien heb ik veel jassen aan gehad. Met mijn geiten was ik een attractie, bij vrienden een gast, bij Everdien een huisvriend, soms was ik een geliefde en deze zomer een eenzame nomade. De meesten zien me als maffe kunstenaar maar in mijn nieuwe caravan voel ik me mij met alles wat ik ben en zou kunnen zijn. Ik heb hier de juiste mix gevonden van privéruimte en gemeenschappelijk gedoe om me geïntegreerd te voelen.

Twee keer in Mongolië heb ik dezelfde ruimte gevoeld: toen ik ziek en alleen was in een woestijnhotel, en bij Ooltsee een Ooltseeburen’s familieboerderij. In beide gevallen waren de omstandigheden beperkend. In de hotelkamer had ik vrede met dat ik weinig kon. Bij de familie had ik vrede met veel van wat ik deed. Alleen zijn was eenvoudiger, de groep interessanter. Ik onderging de frustraties, onzekerheid en miscommunicaties van een familie in den vreemde en struikelde onderweg over mijn eigen pad. Het was geen eenzame afgezonderde lijn maar vloeide continu samen met die van anderen om zich daarna weer af te splitsen.

Afgelopen jaar heb ik half doorgebracht in de ruimte van anderen en half op een eenzame weg met hier en daar een kruising. Ergens tussen vakantie en camping werd het tijd om terug te gaan naar Ooltsee’s boerderij: op eigen benen staan in een gemeenschap. Ik oefende door onderdeel te worden van het reizigersdorp op camping Vliegenbos en toen Datsjapark nieuwe mensen zocht greep ik de kans met beide handen aan. Ik hoop dat het niet een kruispunt wordt maar een node midden in een avontuurlijk netwerk.

Datsjapark is geen Centraal Wonen Delft: dat was een stabiele woongroep met een paar regels die niemand meer opviel. Hier is het een rommelige bedoeling van vrijdenkers. Of in ieder geval van mensen die vrij willen zijn. Maar we zitten opgescheept met wetten, financiële begrenzingen en elkaars dromen en eigenaardigheden. Deze herfst verlaten een paar mensen Datsjapark met bezwaard gemoed en komen nieuwe mensen binnen. Ondertussen maken we een park van Datsja’s: mobiele studio’s buiten in de stad. De contouren tekenen zich af en ik zie genoeg ruimte voor ons allemaal. Horizontaal of verticaal. En zoniet, dan kunnen we altijd weer gaan.

Het huurcontract met de gemeente loopt tot 2020. Ik zei dat ik er een jaar zou zijn. Maar mijn pad is nogal vloeibaar. Vanuit het achteronder op mijn oom’s boot drijf ik op de stroming en zeil met de wind. Ik kan niet wachten om te zien waarheen.

4 Comments

  1. Heel mooi verhaal, Loes.
    Ik gun je alles wat het leven maar goed maakt voor jou.
    xxx

  2. Hoi Loes,
    Wat fijn.
    groet,
    Erik

  3. Dank jullie wel!

  4. Carola

    Je bent een goed voorbeeld van “go with the flow”
    Van escapisme tot nomadisme…
    Groet C

Geef een reactie